Wat is forfaitair rendement en hoe werkt het in Box 3?

Forfaitair rendement, ook bekend als fictief rendement, is een vast percentage dat de Belastingdienst hanteert om het verwachte rendement op je vermogen in Box 3 te bepalen, ongeacht de werkelijke winst of het verlies dat je behaalt. Op deze pagina ontdek je de precieze werking van dit forfaitair rendement, hoe het berekend wordt voor diverse vermogenscategorieën en jaren, de verschillen met je werkelijke rendement, de impact op je belastingaangifte en hoe je binnen het huidige en toekomstige regime kunt optimaliseren.

Samenvatting

  • Forfaitair rendement is een door de Belastingdienst vastgesteld fictief rendement voor Box 3, gebaseerd op vaste percentages voor verschillende vermogenscategorieën (banktegoeden, overig vermogen, schulden), gebruikt om belasting te heffen over verondersteld inkomen uit vermogen.
  • De percentages voor forfaitair rendement wijzigen jaarlijks en zijn voorlopig vastgesteld voor 2025 op 1,44% (banktegoeden), 5,88% (overig vermogen) en -2,62% (schulden), met een belastingtarief van 36% over het fictieve rendement.
  • Dankzij een uitspraak van de Hoge Raad en de Herstelwet Box 3 kan belastingplichtigen die een lager werkelijk rendement aantonen dan het forfaitair rendement een herberekening aanvragen, waardoor zij minder belasting betalen.
  • Het huidige regime is een tussenstap; vanaf 1 januari 2028 wordt de Box 3-heffing gebaseerd op werkelijk rendement, waarbij ook verliezen verrekenbaar worden, wat het forfaitair rendement afschaft.
  • Belastingoptimalisatie is mogelijk door het aantonen van lager werkelijk rendement, het optimaliseren van vermogensverdeling, verplaatsing naar fiscaal gunstigere regelingen zoals pensioenbeleggen of een BV, en het verminderen van belast vermogen via schenkingen.

Wat betekent forfaitair rendement in de Nederlandse belastingwetgeving?

In de Nederlandse belastingwetgeving staat forfaitair rendement voor een vast percentage dat de Belastingdienst hanteert om een fictief inkomen uit je vermogen in Box 3 te berekenen, ongeacht je daadwerkelijke winst of verlies. Dit systeem is bedoeld om de belastingheffing op spaargeld en beleggingen te vereenvoudigen. Concreet betekent dit dat je belasting betaalt over dit veronderstelde rendement, en niet over wat je werkelijk hebt verdiend. Voor het belastingjaar 2025 zijn de voorlopige percentages voor dit forfaitair rendement vastgesteld voor verschillende vermogenscategorieën: voor banktegoeden is dit 1,44%, voor overig vermogen (zoals beleggingen) 5,88%, en voor schulden wordt een negatief rendement van 2,62% aangenomen. Over dit berekende fictieve rendement wordt in 2025 een belastingtarief van 36% geheven.

De Hoge Raad heeft echter geoordeeld dat het forfaitair rendement niet hoger mag zijn dan het werkelijke rendement dat je hebt behaald, wat leidde tot de Herstelwet Box 3. Tot de definitieve overgang naar een systeem gebaseerd op werkelijk rendement in 2028, hanteert de Belastingdienst de meest voordelige berekening voor de belastingplichtige om onredelijke belastingdruk te voorkomen.

forfaitair rendement

Trade.nl helpt je met het gelijken van de juiste brokers, informatie over beleggen waarop jij de jou keuze kunt maken.

Our partners

Bekijk onze brokers

ABN Amro zelf beleggen Plus
ABN Amro zelf beleggen Plus

Prijs kwaliteit

Gebruiksgemak

Klantvriendelijkheid

Mogelijkheden

BUX Zero
BUX Zero

Prijs kwaliteit

Gebruiksgemak

Klantvriendelijkheid

Mogelijkheden

Hoe berekent de Belastingdienst het forfaitair rendement?

De Belastingdienst berekent het forfaitair rendement door eerst je totale vermogen op 1 januari van het belastingjaar vast te stellen en hiervan het heffingsvrije vermogen af te trekken. Het resterende bedrag wordt vervolgens ingedeeld in drie vermogenscategorieën: banktegoeden, overig vermogen (zoals beleggingen) en schulden. Voor elke categorie past de Belastingdienst een specifiek, jaarlijks vastgesteld fictief rendementspercentage per vermogenscategorie toe, omdat de werkelijke rendementen op het moment van aangifte nog niet bekend zijn. De percentages voor het forfaitair rendement worden bijvoorbeeld voor 2025 voorlopig vastgesteld op 1,44% voor banktegoeden, 5,88% voor overig vermogen en -2,62% voor schulden, waarbij het rendement per aangiftepost steeds afgerond naar beneden per categorie wordt. Het forfaitair rendement op overig bezit in 2025 was gebaseerd op gemiddelde historische werkelijke rendementen, wat de onderbouwing vormt van dit vaste percentage. Over het zo berekende fictieve rendement betaal je uiteindelijk belasting, ongeacht het daadwerkelijk behaalde rendement.

Welke forfaitaire rendementen gelden voor verschillende jaren en vermogenscategorieën?

De forfaitaire rendementen, ofwel fictieve rendementen, die de Belastingdienst hanteert voor Box 3 vermogenscategorieën, variëren per belastingjaar en zijn opgedeeld in categorieën zoals banktegoeden, overig vermogen (waaronder beleggingen) en schulden. Deze percentages worden jaarlijks vastgesteld op basis van gemiddelde werkelijke rendementen om zo dicht mogelijk bij de marktrealiteit aan te sluiten. Hieronder vindt u een overzicht van de percentages voor recente en aankomende jaren:

Belastingjaar Banktegoeden (incl. spaargeld) Overig vermogen (incl. beleggingen) Schulden
2026 (voorlopig) N.n.b. 7,78% N.n.b.
2025 (voorlopig) 1,44% 5,88% -2,62%
2024 1,44% 6,04% -2,57% (op basis van 2023)
2023 0,92% 6,17% -2,57%
2022 0,01% 5,69% -2,46%

Het is belangrijk te weten dat de percentages voor de toekomstige belastingjaren, zoals 2025 en 2026, vaak nog voorlopig zijn en definitief worden vastgesteld na afloop van het betreffende kalenderjaar, wanneer de gemiddelde rendementen over dat jaar bekend zijn. Deze aanpassingen, met name sinds de Herstelwet Box 3, zijn een poging om de belastingheffing eerlijker te maken door het forfaitair rendement beter te laten aansluiten bij de daadwerkelijk behaalde rendementen.

Wat zijn de verschillen tussen forfaitair rendement en werkelijk rendement?

Het belangrijkste verschil tussen forfaitair rendement en werkelijk rendement is dat het eerste een door de Belastingdienst verondersteld inkomen is voor Box 3, terwijl het laatste de daadwerkelijke opbrengst van je vermogen weergeeft. Het forfaitair rendement, ook wel fictief rendement genoemd, is een vast percentage dat de Belastingdienst hanteert, berekend op basis van historische gemiddelde rendementen per vermogenscategorie, zoals banktegoeden en overig vermogen. Dit percentage wordt gebruikt omdat de werkelijke rendementen op het moment van de belastingaangifte nog niet bekend zijn, waardoor het onafhankelijk is van je persoonlijke winst of verlies.

Het werkelijk rendement is daarentegen de optelsom van alle daadwerkelijke inkomsten die je uit je vermogen hebt gehaald, zoals rente, dividend en huur, plus zowel de gerealiseerde als de ongerealiseerde waardeveranderingen van je bezittingen (denk aan koerswinst of -verlies van beleggingen). Voor de Box 3-belasting hanteert de Hoge Raad de definitie van werkelijk rendement als nominaal rendement, wat betekent dat er geen rekening wordt gehouden met inflatie.

Dit fundamentele verschil kan ertoe leiden dat het forfaitair rendement in de belastingheffing niet altijd in verhouding staat tot de werkelijkheid. Als jouw werkelijk rendement lager blijkt te zijn dan het fictief vastgestelde percentage, kun je, dankzij de uitspraken van de Hoge Raad en de daaropvolgende Herstelwet Box 3, in aanmerking komen om belasting te betalen over je lagere werkelijke opbrengst. Dit voorkomt onredelijke belastingdruk wanneer de fictieve rendementen hoger waren dan wat je daadwerkelijk hebt verdiend.

Hoe beïnvloedt het forfaitair rendement jouw belastingaangifte en -druk?

Het forfaitair rendement heeft een directe invloed op je Box 3 belastingaangifte en -druk, doordat de Belastingdienst hiermee een fictief inkomen over je vermogen vaststelt, ongeacht de werkelijke winst of het verlies dat je behaalt. Concreet betekent dit dat je belasting betaalt over dit veronderstelde rendement, en niet over wat je daadwerkelijk hebt verdiend. Als je werkelijk rendement lager blijkt dan het vastgestelde forfaitair rendement, bijvoorbeeld bij spaargeld met een lage rente, kan dit leiden tot een hogere belastingdruk dan gerechtvaardigd is. De Belastingdienst berekent dit rendement voor verschillende vermogenscategorieën – zoals banktegoeden, overig vermogen en schulden – en past hierover het geldende Box 3 belastingtarief toe (wat voor 2025 36% is). Dankzij de uitspraken van de Hoge Raad en de daaropvolgende Herstelwet Box 3, kun je echter in aanmerking komen voor een belastingvermindering als je aantoont dat je werkelijke rendement lager was dan het berekende forfaitaire rendement. Dit zorgt ervoor dat je belastingaanslag wordt aangepast en je uiteindelijk niet meer belasting betaalt dan over je daadwerkelijk behaalde opbrengsten, wat onredelijke belastingdruk tegengaat.

Welke veranderingen brengt het nieuwe Box 3 regime voor het forfaitair rendement?

Het “nieuwe” Box 3 regime brengt belangrijke veranderingen met zich mee voor het forfaitair rendement, variërend van een meer gedifferentieerde berekening in het huidige overgangsstelsel tot de uiteindelijke afschaffing ervan in het toekomstige systeem. De huidige interimregeling, geïntroduceerd na de uitspraak van de Hoge Raad en via de Herstelwet Box 3, heeft het concept van forfaitair rendement gewijzigd door je vermogen op te splitsen in specifieke categorieën zoals banktegoeden, overig vermogen (beleggingen) en schulden, elk met eigen, jaarlijks aangepaste percentages die beter de marktrealiteit weerspiegelen. Met name sinds 2023 zijn deze forfaitaire rendementen, specifiek voor overig vermogen, verhoogd, wat potentieel een hogere belastingdruk voor beleggers betekent. Deze Overbruggingswet Box 3, die van kracht is tot en met 2025, staat belastingplichtigen echter toe om aan te tonen dat hun werkelijk behaalde rendement lager was dan het fictieve rendement, zodat belasting over de lagere daadwerkelijke opbrengst wordt geheven.

De meest ingrijpende verandering voor het forfaitair rendement komt met de definitieve overgang naar een Box 3-stelsel dat volledig gebaseerd is op het werkelijk rendement van je vermogen, gepland voor 1 januari 2028. Dit betekent dat het concept van een fictief forfaitair rendement als basis voor de belastingheffing in Box 3 dan geheel zal verdwijnen. Een cruciale nieuwe mogelijkheid in dit toekomstige regime is dat Box 3-verliezen, die onder het forfaitaire stelsel niet meetelden, achterwaarts verrekend kunnen worden met positieve Box 3-inkomsten uit voorgaande of toekomstige jaren, wat een aanzienlijke aanpassing is voor vermogensbezitters.

Hoe kun je belastingoptimalisatie toepassen binnen het forfaitair rendement kader?

De meest directe manier om belastingoptimalisatie toe te passen binnen het huidige forfaitair rendement kader is door actief aan te tonen dat je werkelijk behaalde rendement lager was dan het door de Belastingdienst vastgestelde fictieve rendement. Dankzij de uitspraken van de Hoge Raad en de daaropvolgende Herstelwet Box 3 kun je een herberekening van je belastingaanslag aanvragen, waardoor je alleen belasting betaalt over je daadwerkelijke opbrengsten. Dit voorkomt onredelijke belastingdruk en vereist een nauwkeurige administratie van al je rendementen uit spaargeld, beleggingen en schulden.

Aanvullende optimalisatiemogelijkheden richten zich op het verminderen van het belaste vermogen in Box 3 of het verschuiven ervan naar andere regimes. Denk hierbij aan het optimaliseren van de vermogensverdeling tussen fiscale partners, waardoor beiden optimaal gebruik kunnen maken van het heffingsvrije vermogen en schuldaftrek, zeker als het werkelijke rendement lager is dan het forfaitaire. Ook kun je overwegen om vermogen te verplaatsen naar fiscaal vriendelijkere structuren, zoals pensioenbeleggen (waarbij het vermogen uit Box 3 verdwijnt tot uitkering) of, voor grotere vermogens, door te investeren via een BV, waar een ander belastingregime geldt. Tot slot kunnen belastingvrije schenkingen aan kinderen of goede doelen de omvang van je Box 3-vermogen verminderen, wat direct de grondslag voor het forfaitair rendement verlaagt.

Rabobank beleggen rendement: wat betekent het voor jouw forfaitair rendement?

Het rendement van beleggingen bij Rabobank beïnvloedt je forfaitair rendement in Box 3 direct, omdat je werkelijke beleggingsresultaten worden vergeleken met het door de Belastingdienst vastgestelde fictieve rendement. Als je werkelijke rendementen via bijvoorbeeld Rabobank beleggen lager zijn dan dit forfaitaire percentage (zoals de 5,88% voor overig vermogen in 2025), kun je in aanmerking komen voor een belastingvermindering dankzij de Herstelwet Box 3. De gerapporteerde bruto rendementen van Rabobank, zoals 2,8% voor een Actief Zeer Defensief profiel in 2024 of zelfs negatieve rendementen tot -5,5% voor een Actief Zeer Offensief profiel tot en met maart 2025, laten zien dat je daadwerkelijke opbrengst aanzienlijk kan afwijken van het fictieve percentage. Het is daarbij van belang te onthouden dat deze cijfers vaak bruto zijn, exclusief de beheerkosten die Rabobank rekent (bijvoorbeeld 0,20% per jaar voor portefeuilles tot €100.000), waardoor je netto rendement nog lager kan uitvallen. Door je behaalde rendementen nauwkeurig bij te houden, kun je controleren of je recht hebt op een aanpassing van je belastingaanslag op basis van je werkelijke, lagere opbrengsten.

Brand New Day rendement en de impact op forfaitair rendement in Box 3

Het rendement dat je behaalt met beleggingen via Brand New Day, een online bank die in 2010 is opgericht door de voormalige oprichters van Binck Bank, heeft een directe invloed op je Box 3 belastingaangifte in relatie tot het forfaitair rendement. De werkelijke opbrengsten van je Brand New Day beleggingsprofielen, zoals het gemiddelde jaarlijkse rendement van 6,77% voor een modelportefeuille Offensief (gemeten over 2010-2024) of 3,71% voor een modelportefeuille Defensief (over dezelfde periode), zijn cruciaal. Een belangrijk voordeel van Brand New Day fondsen is het extra rendement van circa 0,50% per jaar, dankzij het effectief dichten van het dividendlek. Echter, als je werkelijke, na aftrek van bijvoorbeeld 0,44% servicekosten per jaar, behaalde rendement lager uitvalt dan het door de Belastingdienst vastgestelde forfaitair rendement voor overig vermogen (wat voor 2025 5,88% bedraagt), kun je dit aantonen. Dankzij de Herstelwet Box 3 betaal je dan enkel belasting over je daadwerkelijk behaalde winst, wat voorkomt dat je onnodig veel belasting betaalt op een fictief hoger rendement.

Beleggen bonus en de relatie met forfaitair rendement en belastingplanning

Een beleggingsbonus, zoals een welkomstpremie van een broker, heeft directe invloed op je Box 3 vermogen en daarmee op de berekening van het forfaitair rendement, wat cruciaal is voor je belastingplanning. Wanneer je bijvoorbeeld een bonus van €65,- ontvangt bij het openen van een beleggingsrekening of voor ‘laten beleggen’, wordt dit bedrag onderdeel van je ‘overig vermogen’ op 1 januari van het belastingjaar. Deze toename van je vermogen vergroot de grondslag waarover de Belastingdienst een fictief rendement berekent, zelfs als de bonus zelf geen direct behaald rendement is.

Voor je belastingplanning is het belangrijk om de impact van zo’n bonus goed in kaart te brengen. Het investeren van een grote som, zoals een aanzienlijke bonus of erfenis, in één keer (een strategie die soms ‘forfaitair beleggen’ wordt genoemd voor het optimaliseren van rendement in een opwaartse markt) kan leiden tot hogere werkelijke opbrengsten. Echter, de Box 3-heffing blijft gebaseerd op het fictieve rendement. Dankzij de Herstelwet Box 3 kun je echter aantonen dat je werkelijke rendement over je totale vermogen, inclusief de ingelegde bonus, lager was dan het door de Belastingdienst berekende forfaitair rendement. Door dit bewijs te leveren, kun je je belastingaanslag laten aanpassen en zo onnodige belastingdruk voorkomen.

Veelgestelde vragen over forfaitair rendement in Box 3

Wat is het forfaitair rendement precies?

Het forfaitair rendement is precies dat: een fictief rendement, oftewel een door de Belastingdienst jaarlijks vastgesteld percentage dat wordt gebruikt om een veronderstelde opbrengst uit je vermogen in Box 3 te berekenen voor de belastingheffing. Dit vaste percentage dient als een praktische benadering van de verwachte winst die je met spaargeld en beleggingen kunt behalen, ongeacht je daadwerkelijke financiële resultaat. Het is dus een methode om de belastingheffing te vereenvoudigen door uit te gaan van een standaard winstgevendheid, in plaats van de complexe taak om ieders werkelijke rendement individueel vast te stellen.

Hoe wordt het forfaitair rendement vastgesteld door de Belastingdienst?

De Belastingdienst stelt het forfaitair rendement, ook wel fictief rendement genoemd, vast door jaarlijks vaste percentages te bepalen voor verschillende vermogenscategorieën. Deze percentages voor banktegoeden, overig vermogen en schulden worden gebaseerd op gemiddelde werkelijke rendementen uit het verleden om zo dicht mogelijk bij de marktrealiteit aan te sluiten. Zo worden de definitieve rendementspercentages voor een belastingjaar vaak pas begin van het daaropvolgende jaar vastgesteld, wanneer de volledige gemiddelden over dat kalenderjaar bekend zijn. Dit systeem van een vast rendement wordt gehanteerd omdat het voor de Belastingdienst complex is om het werkelijke rendement voor iedere belastingplichtige in Box 3 nauwkeurig vast te stellen.

Wanneer verandert het forfaitair rendement en waarom?

Het forfaitair rendement, oftewel fictief rendement, verandert jaarlijks. De Belastingdienst past deze percentages aan om zo goed mogelijk aan te sluiten bij de gemiddelde werkelijke rendementen in de markt voor specifieke vermogenscategorieën, zoals banktegoeden, overig vermogen en schulden. Hoewel de percentages voor een nieuw belastingjaar vaak eerst voorlopig worden vastgesteld, worden ze pas definitief bekend na afloop van het betreffende kalenderjaar, zodra alle relevante marktgegevens beschikbaar zijn. Deze jaarlijkse aanpassingen zijn onderdeel van de pogingen om de belastingheffing in Box 3, vooral na de uitspraken van de Hoge Raad, eerlijker te maken. Een duidelijk voorbeeld van zo’n verandering is de voorgenomen stijging van het forfaitair rendement op overig bezit voor 2026 naar 7,78 procent, een toename van 1,78 procentpunt ten opzichte van 2025. Het meest ingrijpende aspect is echter dat het concept van forfaitair rendement op 1 januari 2028 geheel zal verdwijnen, wanneer Nederland overgaat op een Box 3-stelsel gebaseerd op het werkelijk behaalde rendement.

Hoe kan ik mijn forfaitair rendement controleren en berekenen?

Om je forfaitair rendement te controleren en te berekenen, begin je met het inventariseren van je totale vermogen op 1 januari van het belastingjaar. Dit vermogen verdeel je vervolgens over de drie categorieën die de Belastingdienst hanteert: banktegoeden, overig vermogen (zoals beleggingen) en schulden. Voor elke categorie pas je de meest actuele fictieve rendementspercentages toe, die jaarlijks door de Belastingdienst worden vastgesteld en die je terugvindt in de tabel op deze pagina. Het is cruciaal om ook je werkelijke rendement nauwkeurig bij te houden, aangezien je, dankzij de Herstelwet Box 3, in aanmerking komt voor een lagere belastingaanslag als je werkelijk rendement aantoonbaar lager was dan het berekende forfaitaire rendement.

Om dit proces te vergemakkelijken, zijn er diverse online rekentools beschikbaar, zoals een “Box 3 werkelijk rendement en teruggave rekentool”, die je kunnen helpen bepalen of een herberekening zinvol is. Sommige “Box 3-calculators” bieden zelfs de mogelijkheid om zelf een afwijkend forfaitair rendement te kiezen voor simulatie, alvorens je de officiële aanvraag indient. Als blijkt dat je werkelijke rendement inderdaad lager was, kun je dit aan de Belastingdienst doorgeven via het “formulier ‘Opgaaf werkelijke rendement’” om zo je belastingdruk te optimaliseren.

Our partners

Bekijk onze brokers